Neolithische geslepen bijl gevonden.

Gepubliceerd: 09 oktober 2018

rlw-kapelle_vuurstenen_geslepen_bijl__2_.jpg - SCEZ OAS

Een vuurstenen bijl uit Kapelle

 

In de zomer van 2018 meldde een particulier de vondst van een vuurstenen bijl bij de Stichting Cultureel Erfgoed Zeeland (SCEZ). Hij had het voorwerp al in 2016 in verstoorde grond gevonden in zijn achtertuin aan De Warretjes te Kapelle, op een diepte van ruim 0.5 m.
De bijl is ruim 13 centimeter lang, 6.5 centimeter breed en is gemaakt uit een grijze vuursteensoort met witte vlekken.  Het oppervlak van de bijl is licht glimmend en op enkele plaatsen, met name bij het snededeel, was hij gepolijst. Op andere plaatsen waren recente beschadigingen zichtbaar.
Gepolijste stenen bijlen zijn kenmerkend voor de nieuwe Steentijd (Neolithicum; 5300-2000 voor Christus) en zijn in gebruik geweest bij de eerste boerengemeenschappen. In de tijden daarvoor leefde de prehistorische mens nog als jager en verzamelaar van voedsel, maar rond 4000 voor Christus maakte men in Zeeland de overstap naar het beoefenen van akkerbouw en veeteelt, waarbij men niet meer als nomaden door het landschap hoefde te trekken, maar vaste woonplaatsen verkreeg. Voor dat doel moest men bomen omhakken om open plaatsen in de bossen te creëren en boerderijen te bouwen, waarvoor de gepolijste bijlen uitstekend geschikt waren. Ze dienden waarschijnlijk ook voor wat fijnere houtbewerking.
De bijlen werden eerst ruw tot hun beoogde vorm voorbewerkt, waarna ze met water op slijpstenen glad werden gepolijst. Het voordeel hiervan was dat ze bij het gebruik minder snel braken en bovendien konden ze nauwkeurig worden afgewerkt, waardoor onder meer een scherpe snede ontstond. Dat het exemplaar uit Kapelle slechts op enkele plaatsen is gepolijst wijst er op dat de voorbewerking niet helemaal goed gelukt was of men vond het voldoende dat alleen het snededeel gepolijst was.
De grijze vuursteensoort wordt vaker op neolithische vindplaatsen in de Scheldevallei aangetroffen. De herkomst ervan valt echter niet goed te achterhalen. Het meest voor de hand liggende herkomstgebied is Zuid Belgie.

Rest nog de vraag hoe de bijl in de tuin te Kapelle terecht kan zijn gekomen. Er zijn geen gegevens bekend over de herkomst van de grond in de tuin. De vinder wist te vertellen dat op die plek in het verleden een kleine vijver was gelegen. De steen kan dus door eerdere graafwerkzaamheden van een grotere diepte zijn gekomen. Volgens de bodemkaart van Zeeland bestaat de bodem uit kreekruggrond , wat kan betekenen dat de bijl in het verleden is verspoeld.
In elk geval is het een bijzondere vondst voor Zeeland in het algemeen en voor Kapelle in het bijzonder. Er zijn slechts enkele vondsten uit de nieuwe Steentijd in Zuid-Beveland bekend. Vermeldenswaardig zijn een gepolijst bijltje uit de omgeving van de vliedberg van Coudorpe en een vuurstenen pijlpunt uit de omgeving van Kruiningen.

 

Bijdrage drs Hans Jongepier (SCEZ)

<< Terug naar overzicht